THEATRE: MC, Amsterdam
DATE: 26-02-2011
TIME: 20:30
WITH: Eric van Sauers, José Montoya
DIRECTOR: Maarten van Hinte, Marjorie Boston
“Topdog/Underdog” is het verhaal van twee broers op de rand van de Amerikaanse samenleving, die proberen te overleven. Het stuk leverde Suzan-Lori Parks de prestigieuze Pulitzer Prize op en is nu in een levendige productie van MC te zien, waarin Eric van Sauers schittert.
Fotografie: Jean van Lingen
De broers Lincoln (Eric van Sauers) en Booth (José Montoya) zijn op jonge leeftijd door de ouders aan hun lot overgelaten en hosselen sindsdien om te overleven. Hun namen danken ze aan het zieke gevoel voor humor van hun vader, maar staan ook symbool voor de Amerikaanse geschiedenis en het noodlot dat de broers te wachten staat. Het stuk is continue dubbel gelaagd. Realisme en symbolisme coëxisteren zij aan zij.
Voor het Nederlandse publiek, dat niet zo bekend is met de Amerikaanse geschiedenis, is er een inleiding aan het stuk toegevoegd waarin kort wordt uitgelegd wie president Lincoln en zijn moordenaar Booth (een acteur) waren. Tijdens de voorstelling zijn beelden op tv te zien van D.W. Griffith’s stomme film The Birth of a Nation de eerste Amerikaanse kaskraker uit 1915), waarin de moord in een theater op Lincoln wordt uitgebeeld. De film is controversieel omdat de Ku Klux Klan als helden zijn neergezet.
Eric van Sauers & Jose Montoya
De productie speelt zich af in één kamer en er is continu een machtstrijd gaande in die krappe ruimte. De oudste broer, Lincoln, was ooit een ster in het hosselen. Met het driekaartspel wist hij een ieder op straat van geld te beroven. Tegenwoordig speelt hij echter president Lincoln in een pretpark, waar hij dagelijks door bezoekers wordt neergeschoten. Booth is werkloos, maar ambieert zijn broer in het kaartenspel te overtroeven. Hij heeft zichzelf dank ook tot ‘Driekaart’ omgedoopt en hoopt dat Lincoln hem de kneepjes van het hosselen wil aanleren. Deze wil echter niets meer hiervan weten. Als hij uiteindelijk toch overstag gaat heeft dit desastreuze gevolgen voor beide.
De taal van Parks is net als van August Wilson, een ander groot Afro-Amerikaanse toneelschrijver met een Pulitzer Prize die hier totaal onbekend is, zeer ritmisch en poëtisch. Het benadert de ritmes van Afro-Amerikaanse muziek en orale verteltradities. Een flinke kluif dus om te vertalen, maar Maarten van Hinte (die de voorstelling met Marjorie Boston co-regisseerde) weet de flow van het origineel aardig te benaderen. Zo heeft hij hier en daar bijvoorbeeld Surinaamse woorden in de mix gegooid om de Amerikaanse slang te benaderen.
De cast weet ook behoorlijk de ritmiek van de tekst te animeren. Montoya zet een verdienstelijke Booth neer, maar het is vooral van Sauers die de troef van deze productie is. Zijn calculerende, ietwat doorleefde creatie weet constant te boeien en lijkt intuïtief aan te voelen waar een lach moet vallen. Na Sanne den Hartogh in Till the Fat Lady Sings is dit de tweede acteur dit jaar, die voor mij lappen tekst als muziek in de oren doet klinken en ook op die wijze weet te raken. Een schitterend voorbeeld is zijn beschrijving van hoe het voelt om elke dag in het pretpark neergeschoten te worden.
De kamer in het stuk is vormgegeven door een schaars gedecoreerd en draaiend platform bedekt door karton. Het draaien faciliteert diverse perspectieven op de kamer en suggereert het verstrijken van de tijd. Uiteindelijk wordt het iets te vaak ingezet en in combinatie met de drukke mise-en-scene remt het af en toe de flow van het stuk wat zou moeten voelen als een voortstuwende trein, die ononderbroken afstevent op het noodlot. Ook valt er nog wat te winnen aan emotionele diepgang, maar ik heb goed vertrouwen dat dit in de loop van de tour zal ontstaan. Deze MC productie is een verrijking van het huidige repertoire. Dergelijke stukken worden niet vaak geproduceerd, dus grijp je kans!





0 reacties:
Post a Comment